Succesvol betrekken van de gehandicaptenbeweging bij ontwikkelingssamenwerking, twintig jaar Noorse ervaring
Op het DCDD symposium 'Gehandicapt en solidair' op 19 mei houdt Lars Odegard uit Noorwegen de openingslezing. Hij laat zien hoe zijn organisatie Noorse gehandicapten succesvol bij ontwikkelingssamenwerking betrekt, al 22 jaar. Een hij beschrijft de belangrijkste valkuilen, de lessen die geleerd zijn.
Gelukkig zijn er al veel organisaties voor ontwikkelingshulp. Waarom zou je dan als gehandicaptenorganisatie iets doen aan internationale samenwerking?
Om van elkaar te leren, ervaringen te delen en omdat we solidair willen zijn. Het is meer dan de moeite waard je verantwoordelijkheid te nemen. Omdat wij specifieke praktijkervaring hebben, wij leven immers zelf met een beperking. Dit is een meerwaarde. Die competentie hebben anderen niet. Onze speciale deskundigheid is ook onze strijd voor gelijke rechten. In eigen land is voor gehandicapten al veel niet in orde, daarom weten wij wat het betekent gehandicapt te zijn. Ook wat het betekent als solidariteit ontbreekt. Daarom moeten wij erbij zijn. Als wij dit niet doen, wie dan wel?
In Noorwegen hebben we inmiddels 22 jaar praktijkervaring met samenwerking met mensen met een handicap in ontwikkelingslanden. De Atlas Alliance is opgericht in het VN gehandicaptenjaar 1981 toen besloten werd actief te gaan werken aan solidariteit. Een samenwerking met het Rode Kruis werd gestart om uit te vinden hoe het werkt. Duidelijk bleek dat ontwikkelingsorganisaties vaak te weinig weten over gehandicapten, daarom moesten we ook kijken naar wat we konden doen in ons eigen land.
Inmiddels telt de Atlas Alliance 300.000 leden via de lidorganisaties. Lidorganisaties zijn ondermeer de Norwegian Alliance of the Disabled, een aantal patiëntenverenigingen en een researchstichting. In twintig verschillende landen ondersteunt Atlas veertig projecten, voornamelijk in Afrika, maar de laatste tijd steeds meer in Oost-Europa. Atlas voert zelf geen projecten uit maar financiert, organiseert en coördineert. We willen een kleine organisatie blijven. Daarbij gaat het vooral om het uitwisselen van ervaringen en het wederzijds inzetten van deskundigheid ten bate van alle partijen. Uitgangspunt is dat alle partners gelijkwaardig zijn. Bovendien werken we alleen in landen waar we samen met andere gehandicaptenorganisaties kunnen werken.
Drie onderwerpen krijgen onze aandacht:
- de ontwikkeling en opbouw van democratie via zusterorganisaties,
- preventie (met name TBC, en HIV/AIDS)
- en Community Based Rehabilitation (CBR-) programma's.
Onze belangrijkste strategische doelstelling is een eigen stem te geven aan de gehandicapten in ontwikkelingslanden. Wij werken daarom mee aan de opbouw van democratie door steun aan of oprichting van zusterorganisaties. Het gaat vooral om het denken op lange termijn en het Noorse nationale ontwikkelingssamenwerkingbeleid daar op af te stemmen.
De Atlas Alliance stimuleert de VN conventie voor rechten van mensen met een handicap (in ontwikkeling) en werkt vanuit de VN Standaard Regels (1994).
Hoe kunnen gehandicapten bij ontwikkelingssamenwerking worden betrokken?
Bij voorkeur door hen te laten meewerken in de nationale en internationale projecten waarin ook niet-gehandicapten werken. In Noorwegen lukt dit al, bijvoorbeeld bij het Rode Kruis en Noodhulp. Dus geen aparte programma´s voor gehandicapten, maar gewoon meedoen! Wil je aan internationale samenwerking doen, dan moet thuis alles in orde zijn. Daarom is het onze taak de overheid te beïnvloeden om meer aan ontwikkelingssamenwerking voor gehandicapten te doen.
Maar we geven ook veel voorlichting aan de Noorse bevolking over wie we zijn en wat we doen.We helpen mee bij het ontwikkelen van nationale programma's in ontwikkelingslanden. We stellen geen diagnose. We werken 'handicap-overstijgend' en intersectoraal. Ons doel voor de toekomst is de samenwerking die we hebben te versterken. Misschien denken jullie het in Nederland als gehandicapte het wel goed te doen, maar besef wat werkelijk extra kracht geeft samenwerking is. Wij willen nog meer organisaties in diverse landen erbij betrekken, de inzet in de Oost-Europese landen en Baltische Staten vergroten en meer inspanningen voor elkaar krijgen bij Noorse autoriteiten en de grote hulporganisaties. Daarvoor zien we een toenemende belangstelling bij gehandicaptenorganisaties.
De financiële situatie van Atlas is op dit moment goed maar moet op de lange termijn ook geregeld zijn. Het jaarbudget bedraagt 8,5 miljoen euro. De Noorse overheid, met wie we nauw samenwerken, draagt 90% bij. De meeste projecten vinden dan ook plaats in de landen waar de overheid goed mee samenwerkt, veelal in Afrika. De dekking van de overige 10% komt uit een fonds. Hiervoor vindt iedere tien jaar een grootschalige nationale tv-campagne plaats, waarbij enorm veel geld wordt opgehaald. Vorig jaar herfst is 15 miljoen euro opgehaald. Voor de langere termijn zoekt Atlas naar een vorm van inkomsten zonder dat het liefdadigheid wordt. Lars noemt dit 'dansen op een smal koord'.
Wat zijn de belangrijkste valkuilen, welke lessen zijn geleerd in Noorwegen?
De belangrijkste is: wil je werken aan internationale solidariteit dan moet je daar als organisatie zin in hebben. Al je leden moeten op die lijn zitten, anders heeft het geen zin er aan te beginnen. Ontwikkel als organisatie geen apart beleid voor hulp aan gehandicapten in andere landen. We moeten niet denken dat we het alleen wel kunnen redden. We zijn een deel van een groter geheel. Er bestaat bijvoorbeeld veel ervaring in ontwikkelingssamenwerking bij donororganisaties en de overheid. Gesegregeerde oplossingen voor gehandicapten werken wellicht op een korte termijn, maar op lange termijn leidt dit niet tot verbetering. Als je begint moet je samenwerken met organisaties die ervaring hebben in de ontwikkelingssamenwerking. Niet zelf het wiel uitvinden.
Let op de sociale en culturele verschillen! Realiseer je hoe de situatie is in het land waar je mee samenwerkt. Het 'licht' dat wij zien is niet noodzakelijkerwijs hetzelfde in andere landen. Strategie: doe goed voorwerk, denk na over de keuze van de regio of het land, weet goed welke taak je daar zou kunnen uitvoeren. Onderzoek het niveau van ontwikkeling en de situatie van de gehandicapten ter plaatse. Zoek dan naar partners voor samenwerking (zowel formele als vrijwillige gehandicaptenorganisaties), let op plaatselijke initiatieven.
Een valkuil is: ´hit en run´. Het kan nooit snel. Zorg voor een langetermijnperspectief, kies duurzame oplossingen, maak een plan de zelfwerkzaamheid te bevorderen. Zet projecten met draagvlak op, het is pas goed als ze het zelf kunnen.
Nog een valkuil: 'geld lost alles op'. Dit is zelfs bij ons niet zo en al helemaal niet in de arme landen. Alleen geld geven is waarschijnlijk de slechtste vorm van hulp. Verder moeten de middelen die de Noorse staat ter beschikking stelt op verantwoorde wijze worden ingezet. Controle is daarom noodzakelijk om corruptie te voorkomen.
Tenslotte nog een valkuil waar we heel veel in vallen: onvoldoende onderzoek en evaluatie. Veel vergaderen is echter wel verspilde tijd. Wel kijken naar wie er wat aan de interventies hebben gehad, of de beoogde resultaten zijn behaald. En dus een goede voorbereiding, ondersteund met onderzoek. Bekijk dan ook wie er wat aan heeft, is dat je eigen organisatie of zijn dat de mensen daarginds?! Atlas heeft in de afgelopen jaren de Noorse overheid goed kunnen stimuleren om bij de gewone ontwikkelingssamenwerking gehandicapten te betrekken. Hieraan liggen twee belangrijke documenten van het Noorse ministerie van Buitenlandse Zaken aan ten grondslag, toegankelijk via de website van Atlas Alliance. Eén tot twee keer per jaar voeren wij overleg met een Noordse (Scandinavisch zonder IJsland) alliantie van gehandicaptenorganisaties, en drie jaar geleden hebben de ministeries van ontwikkelingssamenwerking zich verplicht om via multilaterale kanalen meer gericht de gehandicapten erbij te betrekken. Dit was een kort overzicht. Op 16 september zal een collega van mij op een seminar van DCDD meer vakinhoudelijke informatie komen geven.
Hoe bereik je de achterban van gehandicaptenorganisaties en laat je zien hoe belangrijk dit thema is?
Lars: in Noorwegen zijn veel conferenties zoals deze. Verder werken we via internet en verzenden we brochures en documenten aan belangstellenden. Dit jaar hebben zich weer twee nieuwe organisaties bij ons aangemeld. Voorzitter:
Je hebt een aantal projecten genoemd. Hoe worden de mensen daarachter zichtbaar?
Lars: Atlas werkt over alle grenzen heen. Revalidatieprogramma´s doen we samen met de plaatselijke bevolking en gehandicapten binnen de locale organisaties. We kiezen nooit zelf voor wie we werken maar gaan uit van de vraag. Soms zeggen we ook nee tegen een project, omdat we onvoldoende middelen of deskundigheid hebben of te weinig geloof in de overlevingskansen.
Kunt u iets meer toelichting geven op de valkuil evaluatie en onderzoek?
Lars: Het is de belangrijkste zonde die we begaan in alle werkzaamheden. Er is onvoldoende voorbereiding. Vooral bij ontwikkelingssamenwerking is dit van belang, anders veroorzaak je meer schade dan dat je goed doet. Als we niet genoeg kunnen verankeren en controleren wat we bewerkstelligen in het land dan zijn er geen eigenlijke resultaten. Dit fenomeen gaat overal op. Het gaat dus om goede research vooraf.
Jullie zijn een financieringsorganisatie geworden. Hebben de NGO's in Noorwegen de bal onvoldoende opgepakt en zijn jullie daarom zelf financier geworden?
Ofwel, waarom als financier van/voor gehandicaptenprojecten gaan optreden terwijl die organisaties er al zijn? Voor ons als ontwikkelingsorganisatie binnen de coalitie DCDD is dit een dilemma omdat we voor de keuze staan om disability wel of niet te mainstreamen (integreren).
Lars: Het verschil is dat er in Noorwegen organisaties door en voor gehandicapten zijn. Atlas is een organisatie door gehandicapten. Wij zien daarom twee taken. Allereerst het beïnvloeden van organisaties, zoals de kerkelijke, waarmee overigens al veel samenwerking is. Verder gebruiken wij ons budget voor projecten die ten doel hebben gehandicapten erbij te betrekken, dus niet voor speciale projecten voor alleen gehandicapten. Gehandicapt zijn is niet de kwestie, maar het deel uitmaken van de gehele bevolking. Ze gebruiken dus het geld voor de zaak en niet voor de eigen organisatie.
Meer informatie:
www.atlas-alliansen.no (Noors)
www.atlas-alliansen.no/server/atlas/ressursbank.jsp (database projecten - ook Engels)